Beleid
Amsterdams onderwijsbeleid behoudt toegang tot voorschoolse opvang en focus op beroepsonderwijs ondanks landelijke koerswijzigingen
Amsterdamse gezinnen met kinderen van 2 tot 4 jaar behouden recht op 15 uur voorschoolse educatie per week, ongeacht hun inkomen. Scholen in achterstandswijken blijven onder het huidige gemeentelijke beleid extra financiering ontvangen.
Hoe we dit hebben gemaakt

Het Amsterdamse onderwijsbeleid blijft middelen richten op beroepsonderwijs op mbo-niveau, met nadruk op internationalisering, burgerschap en technologie. Deze prioriteiten bepalen de mogelijkheden voor lokale studenten die een vervolgopleiding overwegen, en voor gezinnen die de schoolloopbaan van hun kinderen binnen het Amsterdamse onderwijssysteem uitstippelen.
Landelijke veranderingen hebben ook gevolgen voor Amsterdammers. De Nederlandse regering heeft eerder dit jaar plannen teruggedraaid die in 2025 waren aangekondigd en die Engelstalige bacheloropleidingen zouden beperken; begin 2026 werd ook de verplichte toets Engelse taalvaardigheid voor studenten (de zogeheten taaltoets) afgeschaft. Door deze koerswijziging blijven Engelstalige opleidingen beschikbaar aan instellingen waar Amsterdamse studenten internationale programma's kunnen volgen, zonder extra taaltoelatingseisen.
Aanpassingen in het kerncurriculum en gemeentelijke garanties voor voorschoolse educatie
Nieuwe nationale wetgeving stelt strengere kerndoelen vast voor Nederlands, rekenen en wiskunde in het basis- en voortgezet onderwijs, met ingang van 1 augustus 2026. Amsterdamse scholen zullen deze doelen invoeren, wat directe gevolgen heeft voor de lesinhoud op basis- en middelbare scholen in de stad. Tegelijkertijd handhaaft de gemeente haar garantie van 15 uur voorschoolse educatie per week voor kinderen van 2 tot 4 jaar, toegankelijk ongeacht het inkomen van de ouders, en verstrekt zij extra financiering aan scholen in achterstandswijken.
Investering in hoger onderwijs en gevolgen voor Amsterdammers
Het kabinet heeft toegezegd in 2026 €1,5 miljard te investeren in hoger onderwijs en wetenschap, waarmee eerdere bezuinigingen van circa €1,2 miljard worden teruggedraaid. Deze nationale investering komt Amsterdam ten goede via de universiteiten en onderzoeksinstellingen in de stad, en ondersteunt programma's die aansluiten bij de stedelijke focus op technologie en internationalisering. Amsterdammers die een hogere opleiding volgen of overwegen, treffen daardoor herstelde financieringsniveaus aan die het aanbod van opleidingen en onderzoeksactiviteiten op deze terreinen in stand houden.
Amsterdamse gezinnen profiteren van de combinatie van gegarandeerde voorschoolse educatie en extra schoolfinanciering in bepaalde wijken, wat de continuïteit van vroegschoolse educatie voor kinderen in die gebieden ondersteunt. Leerlingen in het voortgezet onderwijs krijgen vanaf augustus 2026 te maken met aanpassingen in de kerndoelen voor basisvakken, terwijl jongeren die een beroepsopleiding overwegen kunnen rekenen op een voortgezette nadruk op het mbo. De teruggedraaide plannen rond Engelstalige opleidingen houden de weg open voor Amsterdammers die willen studeren in een internationaal programma, zonder de eerder voorgestelde toetsverplichting. De invoering van de aangescherpte kerndoelen en de investering in hoger onderwijs verlopen volgens de vastgestelde landelijke tijdlijnen.